Uitwendige versie: Kans op succes en risico's

 

Een uitwendige versie lukt lang niet altijd. Wat zijn de kansen op succes en wat zijn de risico's?

De kans dat een uitwendige versie slaagt, ligt tussen de 40 en de 50 procent. Een vrouw die al eens is bevallen, heeft iets meer kans op een geslaagde uitwendige versie. Verder spelen de volgende dingen een rol:

  • De hoeveelheid vruchtwater: bij voldoende vruchtwater is het draaien makkelijker
  • De ligging van de placenta: het is gunstig als de placenta tegen de achterkant van de baarmoeder ligt
  • De buikwand: een soepele buikwand maakt het draaien makkelijker

 

Om hierover meer te weten te komen, wordt altijd eerst een echo gemaakt.

 

Wat zijn de risico’s van het draaien?
Complicaties bij een uitwendige versie komen zelden voor. Het kan voorkomen dat de hartslag van het kind tijdelijk vertraagt of versnelt. Deze herstelt zich vrijwel altijd binnen tien minuten. Mocht dit niet gebeuren, dan word je voor de zekerheid doorgestuurd naar het ziekenhuis. Dit gebeurt ook in het zeer zeldzame geval dat de bevalling begint door de uitwendige versie (rond de 0.2 procent).

 

Wat als de versie gelukt/mislukt is
Als de versie gelukt is, blijf je voor de verdere controle van je zwangerschap bij de verloskundige en heb je dus de keus om thuis of poliklinisch te bevallen.

Als de versie mislukt of als het kind uit zichzelf weer terugdraait, kan overwogen worden de versiepoging te herhalen.

Blijft het kind in stuitligging, dan controleert de gynaecoloog het verdere verloop van uw zwangerschap. De bevalling zal plaatsvinden in het ziekenhuis. De gynaecoloog bepaalt door onderzoek of een vaginale stuitbevalling veilig is. Is dit het geval dan heb je de keuze voor een vaginale bevalling of een keizersnede. Soms heb je geen keus maar zal de gynaecoloog om medische redenen besluiten tot een keizersnede.

 

Heb je nog vragen? Stel ze dan aan uw verloskundige
De tekst op deze pagina dient als aanvulling op het gesprek dat je met je verloskundige hebt. Mocht je naar aanleiding van deze informatie nog vragen hebben, dan kun je daarmee terecht bij jouw verloskundige.

 

Bron: www.knov.nl